Een receptenboek met klasse
Voorbereiding
Alle leerlingen gaan op zoek naar een fruitrecept dat ze lekker vinden en brengen dit mee naar de klas.
Materiaal:
- Receptenbladen.
- Twee gekleurde bladen A4-karton: voor- en achterkant van het receptenboek.
- Binder om boek te maken.
Opener
Wie weggaat, kan geen banaan op het vuur laten. (Keniaans spreekwoord)
Wat betekent dit? (Als je ergens mee stopt, moet je dat ook goed afsluiten.)
Vertellen
De leerlingen vertellen elkaar welk recept ze hebben meegebracht, hoe het smaakt en waarom ze het lekker vinden. Zijn er leerlingen met hetzelfde gerecht? Hoe verschillend zijn de recepten?
Werkwijze
Vertel de leerlingen dat deze recepten de basis vormen van een klaskookboek. Alle leerlingen krijgen een receptenblaadje. Alle leerlingen schrijven hun recept over op het receptenblaadje. Eventueel mogen de leerlingen de rand van het blaadje versieren. Houd een aantal recepten of kookboeken achter de hand voor leerlingen die de opdracht niet hebben gemaakt. Zij kunnen een recept kiezen uit het kookboek en overschrijven. Bind de recepten in.
Bespreking
Zitten er vruchten in het gerecht? Welke? Vind je ze lekker? Voor hoeveel personen is het gerecht? Hoe worden zulke vruchten bij jullie thuis meestal klaargemaakt? Denk je dat je dit lekker zou vinden? Waarom?
Extra
Organiseer een kookles waarbij de leerlingen een of meerdere gerechten uit hun kookboek kunnen bereiden.
Eenvoudig alternatief: een sapfeest. Haal allerlei bekende en minder bekende vruchten in de klas en laat de leerlingen ze pellen of schillen en in stukjes snijden. De leerlingen mogen dan hun eigen sapmix samenstellen en in de blender mixen.
